Powering 150+ projects
Active in 10+ countries worldwide
Energizing 30+ companies

8 manieren om elektromagnetische storingen bij noodstroom te voorkomen

Gepubliceerd op dinsdag 03 februari 2026 door Dens

Elektromagnetische storingen kunnen je noodstroomvoorziening volledig lamleggen op het moment dat je deze het hardst nodig hebt. Wanneer je werkt met batterijcontainers, omvormers en zware vermogens, krijg je automatisch te maken met elektromagnetische interferentie (EMI) die andere apparaten kan verstoren of zelfs beschadigen. Door de juiste EMI-bescherming toe te passen, voorkom je dat je noodstroom uitvalt door elektrische interferentie van omliggende apparatuur. In dit artikel lees je acht concrete manieren om elektromagnetische storingen bij noodstroom effectief tegen te gaan.

Waarom elektromagnetische storingen je noodstroom bedreigen

Elektromagnetische interferentie ontstaat wanneer elektrische apparaten ongewenste signalen uitzenden die andere systemen verstoren. Bij noodstroomsystemen zijn vooral omvormers en batterijcontainers gevoelige punten, omdat deze zware stromen schakelen en daarbij hoogfrequente signalen produceren.

De meest kwetsbare apparatuur in je noodstroomvoorziening zijn PLC’s, frequentieregelaars en communicatiesystemen. Deze kunnen door EMI onverwacht herstarten, foutmeldingen geven of zelfs permanent beschadigd raken. Conducted emissions lopen via kabels en stroomleidingen door je installatie, terwijl radiated emissions als elektromagnetische golven door de lucht reizen.

Preventie is belangrijk, omdat EMI niet alleen storingen veroorzaakt, maar ook schade aan aangesloten apparaten kan toebrengen. Een slecht afgeschermde inverter kan bijvoorbeeld draadloze communicatie op je locatie volledig verstoren, wat in kritieke situaties gevaarlijk kan zijn.

1: Installeer hoogwaardige EMI-filters op alle ingangen

EMI-filters zijn je eerste verdedigingslinie tegen elektromagnetische storingen. Deze componenten blokkeren ongewenste hoogfrequente signalen voordat ze je noodstroomsysteem kunnen binnendringen of verlaten. Plaats filters op alle in- en uitgangen van je batterijcontainer en omvormers.

Let bij de keuze van EMI-filters op de frequentierange die ze onderdrukken en de maximale stroom die ze aankunnen. Industriële noodstroomsystemen vereisen vaak filters die effectief zijn tussen 150 kHz en 30 MHz. Goedkope filters kunnen onder zware belasting defect raken, dus investeer in kwaliteit.

Monteer de filters zo dicht mogelijk bij de storingsbron. Bij batterijsystemen betekent dit direct aan de uitgang van de omvormer en bij de hoofdvoeding van het systeem. Zorg dat de behuizing van het filter goed geaard is voor optimale werking.

2: Gebruik geschermde kabels voor alle verbindingen

Ongeschermde kabels fungeren als antennes die elektromagnetische storingen oppikken en doorsturen. Voor noodstroomsystemen zijn dubbel geschermde kabels de standaard, vooral voor signaal- en communicatielijnen tussen verschillende componenten.

Verschillende typen geschermde kabels hebben elk hun toepassing. Voor vermogensleidingen gebruik je kabels met koperfolie en gevlochten afscherming. Voor datacommunicatie tussen batterijmanagementsystemen zijn twisted-pairkabels met overall screening geschikt. Zorg dat de afscherming aan beide uiteinden correct geaard wordt.

Vermijd het parallel leggen van vermogen- en signaalkabels. Houd minimaal 30 centimeter afstand aan of gebruik gescheiden kabelgoten. Een verkeerde kabelinstallatie kan zelfs de beste EMI-filters nutteloos maken door storingen die via de kabels binnenkomen.

3: Creëer fysieke afstand tussen storingsbronnen

Elektromagnetische velden worden zwakker naarmate de afstand toeneemt. Door strategische plaatsing van componenten kun je interferentie aanzienlijk verminderen zonder extra hardware te installeren.

Houd minimaal twee meter afstand tussen je batterijcontainer en gevoelige apparatuur zoals communicatie-units of meetinstrumenten. Plaats omvormers en schakelkasten niet direct naast elkaar, maar verdeel ze over de beschikbare ruimte. Dit voorkomt dat storingen zich ophopen in één gebied.

Let ook op de richting waarin apparaten straling uitzenden. Transformatoren en omvormers stralen vooral vanaf de zijkanten, dus positioneer gevoelige apparatuur bij voorkeur aan de voor- of achterkant. Bij mobiele noodstroomoplossingen kun je deze principes toepassen door de opstelling vooraf te plannen.

4: Implementeer correcte aardingstechnieken

Een effectief aardingsnetwerk vormt de basis van elke EMC-strategie. Verschillende aardingsmethoden hebben elk hun specifieke toepassing: beschermingsaarding voor veiligheid, functionele aarding voor correcte werking en EMC-aarding voor storingsonderdrukking.

Zet een gemeenschappelijk aardingspunt op waar alle afschermingen en EMI-filters op aansluiten. Gebruik korte, dikke koperen geleiders met een zo laag mogelijke impedantie. Vermijd aardingslussen door een sterconfiguratie te hanteren in plaats van een ring.

Veelgemaakte fouten zijn het gebruik van te dunne aardingsgeleiders, lange aardingspaden en het koppelen van verschillende aardingssystemen. Een galvanische scheidingstrafo kan helpen om aardingsproblemen tussen verschillende systemen te voorkomen en zo EMI te reduceren.

5: Welke frequentiebereiken vereisen extra bescherming?

Noodstroomsystemen zijn vooral gevoelig voor storingen in specifieke frequentiebanden. Het bereik van 150 kHz tot 30 MHz is kritiek, omdat hier de meeste conducted emissions optreden van schakelende voedingen en omvormers.

Hoogfrequente storingen boven 30 MHz komen vooral van radiated emissions. Denk aan mobiele telefoons, wifi-netwerken en andere draadloze communicatie die steeds vaker op industriële locaties wordt gebruikt. Deze signaalbronnen kunnen digitale besturingssystemen van batterijen verstoren.

Voor elk frequentiebereik zijn specifieke beschermingsmaatregelen nodig. Lage frequenties (onder 150 kHz) pak je aan met inductieve filters, middenfrequenties met capacitieve filters en hoge frequenties met afscherming. Combineer verschillende technieken voor brede bescherming.

6: Pas elektromagnetische afscherming toe rond kritieke componenten

Elektromagnetische afscherming werkt als een Faraday-kooi die storende signaalvelden tegenhoudt. Voor noodstroomsystemen zijn vooral het batterijmanagementsysteem en communicatie-units kandidaten voor extra afscherming.

Verschillende materialen hebben verschillende eigenschappen. Koperfolie werkt goed tegen hoogfrequente storingen, terwijl mu-metaal effectief is tegen magnetische velden van transformatoren. Gegalvaniseerd staal biedt een goede balans tussen kosten en effectiviteit voor de meeste toepassingen.

Let bij installatie erop dat de afscherming volledig gesloten is, zonder gaten of spleten. Zelfs kleine openingen kunnen de effectiviteit drastisch verminderen. Gebruik geleidende pakking bij deuren en toegangspanelen en zorg dat alle verbindingen goed geleidend zijn.

7: Monitor en test regelmatig op elektromagnetische storingen

Regelmatige EMI-metingen helpen je problemen te detecteren voordat ze tot storingen leiden. Spectrum analyzers en EMI-receivers laten je zien welke frequenties problematisch zijn en waar de storingsbronnen zich bevinden.

Test minimaal jaarlijks, maar ook na elke wijziging aan je noodstroominstallatie. Meet zowel conducted als radiated emissions volgens de relevante EMC-normen. Let vooral op veranderingen ten opzichte van eerdere metingen, want die duiden vaak op verslechterende componenten.

Interpreteer testresultaten door te vergelijken met EMC-limieten en door trends in de tijd te volgen. Stijgende emissieniveaus kunnen wijzen op veroudering van filters, beschadigde afscherming of nieuwe storingsbronnen in de omgeving. Gebruik deze informatie voor preventief onderhoud.

8: Onderhoud je EMI-bescherming voor langdurige effectiviteit

EMI-beschermingscomponenten slijten en verouderen, waardoor hun effectiviteit afneemt. Stel een onderhoudsschema op waarin je filters, afscherming en aardingsverbindingen regelmatig controleert en zo nodig vervangt.

Signalen dat je bescherming afneemt, zijn toenemende storingen, onverklaarbare uitval van gevoelige apparatuur en stijgende emissieniveaus bij metingen. EMI-filters kunnen na jaren gebruik hun capaciteit verliezen, vooral wanneer ze regelmatig overbelast worden.

Vervang filters volgens de aanbevelingen van de fabrikant, meestal elke 5–10 jaar, afhankelijk van de belasting. Controleer aardingsverbindingen op corrosie en zorg dat contactpunten schoon blijven. Houd een logboek bij van onderhoud en metingen om trends te kunnen volgen.

Hoe DENS helpt bij elektromagnetische storingen

Wij ontwerpen onze GridHub-noodstroomsystemen met EMC als uitgangspunt, niet als bijgedachte. Onze oplossingen bevatten standaard:

  • Geïntegreerde EMI-filters op alle in- en uitgangen
  • Professionele afscherming van alle kritieke componenten
  • Optimaal kabelmanagement met geschermde verbindingen
  • Correct aardingsontwerp volgens EMC-richtlijnen
  • Continue monitoring van EMI-niveaus via ons PowerHub platform

Door deze geïntegreerde aanpak voorkom je elektromagnetische storingen en blijft je noodstroom betrouwbaar werken, ook in elektrisch complexe omgevingen. Onze systemen voldoen aan alle relevante EMC-normen en zijn getest in realistische industriële situaties.

Wil je weten hoe wij jouw noodstroomvoorziening EMI-bestendig kunnen maken? Neem contact op voor een analyse van jouw specifieke situatie en ontdek welke GridHub-oplossing het beste past bij jouw elektromagnetische omgeving.

Gerelateerde artikelen

Contact DENS

Team Icon

Neem contact met ons op en laten we samen jouw bedrijf een boost geven!




    Reactie binnen 2 werkdagen

    Lees onze privacyverklaring om te weten te komen hoe wij gegevens uit dit formulier verwerken.